In fietsen

Soms zijn er van die plannen die gisteren nog heel aantrekkelijk leken, maar een dag later hun glans al verloren hebben. Dus gisteren bedacht ik me dat ik wel eens met de racevelo naar de baas kon gaan, om dan ’s avonds weer “the long way home” te nemen. Maar ’s ochtends al keidikke stramme poten (oorzaak: strand?, bier?, stand van de maan, het kindeke Jezus?). Afijn niet vooruit te fikken, dat ging alvast goed. De cadanssenor deed ook al niet mee, en van technisch malheur kan ik echt gallisch worden. Goedverdoeme!
Na 5en, de loonslaafplicht gedaan en op weg. T’ring typhus, wat een wind! Met een piemelverzetje warm rijden want wat waren die poten nog dik, au. Het toch nog wat los gekregen, op naar de Zeelandbrug. Mmmm… witte koppen op de Oosterschelde, windkracht 5 dus, jottem. De brug was dus een Zeeuwse berg, Schouwen was nog nooit zover weg.
Haha, gevlogen op de Oosterschelde-kering. Dus meer dan 2 uur afzien voor nog geen half uurtje pret. Totaal slechts 66 KM, maar ze voelden als 90 met en woest paard in je nek, dit gaat pijn doen morgen!
Tenslotte doen weer de kwis:  Hoe stond de wind mijn kind? . Hint: een snelheid van 20+ op de Zeelandbrug, en 40+ op de Oosterscheldedam (we gingen tegen de klok in). Alle goede antwoorden geven kans op zo’n grote fles Emelisse Lentebock.

Recommended Posts
Showing 2 comments
  • eusmann
    Beantwoorden

    De conditie van je eigen lichaam is kennelijk een onvoorspelbaar iets en een van de factoren die een sport onvoorspelbaar en interessant maakt. Ik doe het je niet na in ieder geval, die ronde. Maar om aanspraak te maken op de Emelisse lentebok: de wind was NNO…..

  • Neut
    Beantwoorden

    Feli-Eus! De fles staat voor je klaar.

Reageer:

%d bloggers liken dit: